GeslotenCPNLRVOJaarlijkse call

CPNL: Circular Plastics NL

Subsidie voor onderzoek en showcases die plastic waardeketens sluiten.

RVO-tendersubsidie uit het Nationaal Groeifonds voor samenwerkingsverbanden die plastic waardeketens sluiten: onderzoeksprojecten (max 1,5 mln euro) en showcases op pilot- of demonstratieschaal (max 7,5 mln euro). Budget 40 mln euro; aanvragen 21 april t/m 6 oktober 2026.

Deadline
Gesloten
Deze regeling is niet meer open voor aanvragen.
Geverifieerd op 9 oktober 2026Bron: rvo.nl/subsidies-financiering/cpnlUitgevoerd door RVO

Bèta: deze subsidiedatabase is nog in opbouw. Onze redactie controleert elke regeling, maar gegevens kunnen onvolledig of verouderd zijn. Raadpleeg de officiële publicatie voordat je een aanvraag indient.

In het kort

Wat is CPNL: Circular Plastics NL?

Wie
Een deelnemer in een samenwerkingsverband met ten minste één onderneming uit de waardeketen; ondernemingen van elke omvang en onderzoeksorganisaties kunnen meedoen.
artikel 3.30.2, artikel 3.30.3 en bijlage 3.30.1
Waarvoor
Onderzoeksprojecten en showcases die knelpunten in de plastic-recyclingketen wegnemen binnen een van de acht onderwerpen, zoals ontwerp voor recycling, sorteren van textiel, mechanische recycling, dissolutie, depolymerisatie en devulkanisatie. Projecten voor energieterugwinning of brandstof komen niet in aanmerking.
artikel 3.30.1 en bijlage 3.30.1
Wat je krijgt
Maximaal € 1,5 miljoen per onderzoeksproject en maximaal € 7,5 miljoen per showcase. Het subsidiepercentage hangt af van de activiteit en de grootte van de onderneming, met een opslag voor kleine en middelgrote ondernemingen.
artikel 3.30.3
Wat je moet doen
De aanvraagperiode liep van 21 april tot en met 6 oktober 2026 en is gesloten. Het was een tender: aanvragen worden per groep gerangschikt en het budget gaat op volgorde van rangschikking naar de beste projecten.
artikel 3.30.4; openstelling in BWBR0052002 artikel 1

Opgebouwd uit de gegevens op deze pagina, zonder eigen toevoegingen.

Max subsidie per onderdeel
€ 1,5M – € 7,5M
2 onderdelen
Subsidie­percentage
25–100%
per onderdeel en activiteit
Doel & impact

Waarom bestaat deze regeling?

Knelpunten in de Nederlandse plastic-recyclingketen wegnemen, zodat Nederland in 2030 50% van alle plastics recyclet en in 2050 een volledig circulaire kunststofketen heeft.

01
Onderzoeksprojecten (onderwerpen 1 en 2)
Onderzoek naar of ontwikkeling van processen, methodieken en technieken voor een ontwerpsystematiek voor beter recyclebare verpakkingen, en voor het terugwinnen van plastic uit niet-verpakkingsafvalstromen die nu nog worden verbrand. Looptijd maximaal 4 jaar.
02
Showcases (onderwerpen 3 t/m 8)
Technisch onderzoek en validatie op pilotschaal of demonstratieschaal om knelpunten in een circulaire waardeketen weg te nemen: geautomatiseerde textielsortering, voorbewerking van gemengd plasticafval, mechanische recycling, dissolutie, depolymerisatie van bulkpolymeren en devulkanisatie of decrosslinking. Looptijd maximaal 5 jaar.
03
Ketensamenwerking en kennisdeling
Samenwerkingsverbanden met minimaal een onderneming uit de waardeketen, die de opgedane niet-bedrijfsgevoelige kennis delen met de achterban van de partners en met Stichting Circular Plastics NL, als onderdeel van het NGF-programma CPNL (programmalijnen P1 t/m P6).
Beschrijving

Over de regeling

Samengesteld uit passages uit de bekendmaking van de regeling, zonder eigen toevoegingen.

In 2022 is het programma Circular Plastics NL toegekend vanuit het Nationaal Groeifonds. Dit programma wil de recycling van kunststoffen nationaal een impuls geven door huidige knelpunten weg te nemen.

Lees verder

Het programma Circular Plastics NL wil een geïntegreerde aanpak faciliteren en kent acht programmalijnen: - P1 Systeemintegratie, microplastics en ontwerp - P2 Karakteriseren, sorteren en wassen van plasticafvalstromen - P3 Recycling van polyolefine verpakkingen - P4 Recycling van styreen gebaseerde materialen - P5 Chemische depolymerisatie - P6 Thermochemische recycling - P7 Brightlands Circular Space - P8 Kraamkamer

De subsidiemodule Circular Plastics NL heeft voor de openstelling in 2026 betrekking op de programmalijnen P1 t/m P6.

De subsidiemodule Circular Plastics NL kent twee typen projecten: - Circular Plastics NL-onderzoeksprojecten; - Circular Plastics NL-showcases (met een onderdeel investering en zonder een onderdeel investering).

De minister verstrekt op aanvraag aan een deelnemer in een samenwerkingsverband een subsidie voor het uitvoeren van een Circular Plastics NL-project.

Een samenwerkingsverband bevat ten minste één onderneming.

Kom ik in aanmerking?

Voorwaarden

Letterlijk uit de regeling, met het artikel waarin de voorwaarde staat.

01
De minister verstrekt op aanvraag aan een deelnemer in een samenwerkingsverband een subsidie voor het uitvoeren van een Circular Plastics NL-project.
02
Een samenwerkingsverband bevat ten minste één onderneming.
03
De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien na toepassing van artikel 3.30.7, eerste en tweede lid, niet aan elk criterium ten minste drie punten is toegekend.
04
Onderzoeksprojecten moeten betrekking hebben op één van de volgende onderwerpen: … 1. Ontwikkeling van een ontwerpsystematiek om inzicht te krijgen in de impact van ontwerpkeuzes betreffende materiaalsamenstelling op het recycling-proces voor verpakkingen om een zo hoog mogelijke recyclaatkwaliteit te realiseren. … 2. Het terugwinnen van plastic uit niet-verpakking afvalstromen die nu nog naar verbranding gaan tot een kwaliteit die geschikt is om een nieuw plastic product van te maken, gebruikmakend van karakteriserings-, sorterings-, scheidings- of wastechnologie.
05
Projecten moeten betrekking hebben op één van de volgende onderwerpen: … 3. TEXTIEL: … 4. VOORBEWERKING VAN GEMENGD PLASTICAFVAL (niet zijnde textielafval) … 5. MECHANISCHE RECYLING: … 6. DISSOLUTIE: … 7. DEPOLYMERISATIE VAN BULKPOLYMEREN (zoals PET, PA, PU en PS): … 8. DEVULKANISATIE OF DECROSSLINKING:
06
Projecten moeten binnen minstens één van de volgende subdoelen vallen: … identificatie en sortering; … scheiding van componenten of materialen.
07
Projecten die gericht zijn op energieterugwinning uit plastic afvalstromen of het opwerken van plastic afvalstromen tot materialen die bestemd zijn om te worden gebruikt als brandstof of als opvulmateriaal vallen daarmee buiten de doelstelling van de subsidiemodule Circular Plastics NL en komen niet in aanmerking voor subsidie.
08
Minimaal 1 onderneming uit de waardeketen dient vertegenwoordigd te zijn in het samenwerkingsverband om tot toepasbare projectresultaten te komen.
09
Ondernemingen die subsidie aanvragen, moeten een vaste inrichting of dochteronderneming in Nederland hebben op het moment dat er subsidie betaald wordt.
10
Projecten mogen niet gestart zijn voordat de subsidieaanvraag is ingediend. Dat betekent ook dat u nog geen verplichtingen mag zijn aangegaan vóór het moment van indiening van de subsidieaanvraag.
11
Er is sprake van een samenwerkingsverband als minimaal 2 partijen voor eigen rekening en risico meedoen.
12
In de volgende gevallen wordt uw project in ieder geval afgewezen: … a. Het is niet aannemelijk dat het project binnen de maximaal toegestane looptijd wordt voltooid: 4 jaar voor onderzoeksprojecten en 5 jaar voor showcases
13
U krijgt geen subsidie op grond van de AGVV als uw onderneming als onderneming in moeilijkheden kwalificeert. Ook samen werkingsverbanden waarin één van de deelnemende ondernemingen in moeilijkheden verkeert, komen dan niet in aanmerking voor subsidie.
Bedrijfsgrootte
Alle groottes
Micro< 10 fte
Small< 50 fte
Medium< 250 fte
Large≥ 250 fte
Thema’s
Onderzoek, ontwikkeling en innovatieCirculaire economie, grondstoffen en afval
Projectfase
OnderzoekOntwikkelingDemonstratie
Financieel

Wat krijg je?

Wat je krijgt hangt af van het onderdeel waarvoor je aanvraagt: maximaal € 1,5M – € 7,5M.

Circular Plastics NL-onderzoeksprojectenartikel 3.30.1 en artikel 3.30.3, derde lid, onderdeel a
Subsidiepercentage
25–100%
Max subsidie
€ 1,5M
Onderzoek naar of ontwikkeling van processen, methodieken of technieken voor een beter ontwerp van materialen of producten, het karakteriseren, sorteren en wassen van plasticafvalstromen of de omzetting van plasticafval tot nieuwe grondstoffen, binnen onderwerp 1 of 2 van bijlage 3.30.1. Aanvraag door een deelnemer in een samenwerkingsverband met ten minste één onderneming; realisatietermijn maximaal 4 jaar (artikel 3.30.5). Rangschikking binnen de groep onderzoeksprojecten.
Industrieel onderzoek: 50% tot 70% (+10 procentpunt bij middelgrote onderneming, +20 procentpunt bij kleine onderneming)
Experimentele ontwikkeling: 25% tot 45% (+10 procentpunt bij middelgrote onderneming, +20 procentpunt bij kleine onderneming)
Niet-economische activiteiten van onderzoeksorganisaties: 80%
Overige projectactiviteiten (brede verspreiding van onderzoeksresultaten): 100% Tot maximaal € 50.000 per project; voor overige projectactiviteiten van een onderneming geldt per onderneming het de-minimisplafond (artikel 3.30.3, vierde lid).
Circular Plastics NL-showcasesartikel 3.30.3, eerste tot en met derde lid
Subsidiepercentage
25–100%
Max subsidie
€ 7,5M
Signaleren en wegnemen van knelpunten in een waardeketen van een materiaalstroom met technisch onderzoek en validatie op pilotschaal, of op demonstratieschaal met een onderdeel investering in een CPNL-demonstratieproject, binnen onderwerp 3 tot en met 8 van bijlage 3.30.1. Aanvraag door een deelnemer in een samenwerkingsverband met ten minste één onderneming; realisatietermijn maximaal 5 jaar (artikel 3.30.5). Rangschikking binnen de groep showcase projecten.
Industrieel onderzoek: 50% tot 70% (+10 procentpunt bij middelgrote onderneming, +20 procentpunt bij kleine onderneming)
Experimentele ontwikkeling: 25% tot 45% (+10 procentpunt bij middelgrote onderneming, +20 procentpunt bij kleine onderneming)
Investering ten behoeve van hulpbronnenefficiëntie en een circulaire economie (CPNL-demonstratieproject): 40% tot 60% (+10 procentpunt bij middelgrote onderneming, +20 procentpunt bij kleine onderneming) Van de subsidiabele kosten bedoeld in artikel 47, zevende lid, AGVV.
Niet-economische activiteiten van onderzoeksorganisaties: 80%
Overige projectactiviteiten (brede verspreiding van onderzoeksresultaten): 100% Tot maximaal € 25.000 per project; voor overige projectactiviteiten van een onderneming geldt per onderneming het de-minimisplafond (artikel 3.30.3, vierde lid).
Totaalbudget regeling
€ 40M · Subsidieplafond 2026: 40 mln euro, waarvan 3 mln euro voor onderzoeksprojecten en 37 mln euro voor showcases. Resterende budgetten van beide groepen worden zo nodig samengevoegd.
Subsidieplafonds
Circular Plastics NL-onderzoeksprojecten · € 3Martikel 1, tweede lid (Titel 3.30)
Hele regeling · Tender
Openstelling 21 april t/m 6 oktober 2026. Per groep krijgt eerst per onderwerp de hoogst gerangschikte aanvraag subsidie; daarna wordt binnen de groep en vervolgens over beide groepen verdeeld op volgorde van rangschikking (artikel 3.30.4).
Circular Plastics NL-showcases · € 37Martikel 1, tweede lid (Titel 3.30)
Hele regeling · Tender
Openstelling 21 april t/m 6 oktober 2026. Per groep krijgt eerst per onderwerp de hoogst gerangschikte aanvraag subsidie; daarna wordt binnen de groep en vervolgens over beide groepen verdeeld op volgorde van rangschikking (artikel 3.30.4).
Cumulatie
Staatssteun op grond van AGVV artikel 25 (onderzoek en ontwikkeling) en artikel 47 (demonstratieprojecten). Subsidie van een provincie, gemeente of andere overheid voor hetzelfde project wordt afgetrokken van de maximaal mogelijke subsidie; voor onderzoeksorganisaties geldt in totaal maximaal 100%. Overige projectactiviteiten van ondernemingen en ondernemingen in moeilijkheden vallen onder de algemene de-minimisverordening (maximaal 300.000 euro per onderneming over 3 jaar).
Type
Directe subsidie (niet terug te betalen)
Kalender

Deadlines & cycli

Programmaperiode11 oktober 2023 – 31 augustus 2028 artikel 3.30.10
Openstelling CPNL 2026: onderzoeksprojecten en showcases · 21 april 2026 t/m 6 oktober 2026
Cyclus: Tender: beoordeling na sluiting op 6 oktober 2026 binnen 13 weken, eenmaal met 13 weken te verlengen. Besluit verwacht in het eerste kwartaal van 2027. Na de aanvraag
Aanvraag

Hoe vraag je aan?

Verdeling
Tender
Vooraanmelding
Niet nodig
Verplichte bijlagen
  • Deelnemersformulier (aanmelding en machtiging) van elke deelnemer
  • Projectplan volgens het model projectplan CPNL 2026, inclusief financieringsplan en plan voor kennisverspreiding
  • Begroting volgens de modelbegroting CPNL 2026, inclusief tabblad financiering
  • Verklaring geen onderneming in moeilijkheden met beslisschema, organogram en recente jaarrekening (per onderneming)
  • De-minimisverklaring (bij overige projectactiviteiten of een onderneming in moeilijkheden)
  • Exploitatieberekening (alleen demonstratieprojecten waarvan de installatie in gebruik blijft)
  • Onderbouwende stukken: rapporten, offertes, toezeggingen van bank of investeerders, uitbestedingsovereenkomsten
Werkwijze
Tenderregeling: alle aanvragen worden na sluiting in dezelfde periode beoordeeld en gerangschikt door RVO met onafhankelijke externe adviseurs op vijf criteria (score 1 tot 5, minimaal 3 per criterium). De penvoerder dient in via eLoket met eHerkenning niveau 3. Aanvragers kunnen worden uitgenodigd voor een toelichting van 20 minuten. Het budget wordt per groep (onderzoeksprojecten en showcases) op volgorde van rangschikking verdeeld.
Subsidiabele kosten

Waar mag het aan besteed worden?

Loonkosten
Loonkosten via een van de drie standaardmethodes van RVO (integrale kostensystematiek, loonkosten plus vaste opslag, vast uurtarief).
Materialen
Verbruikte materialen en hulpmiddelen die speciaal voor het project worden aangeschaft zijn volledig subsidiabel.
Uitbesteding
Uitbesteding aan derden op basis van een uitbestedingsovereenkomst; de aanvrager voert zelf werkzaamheden uit en mag niet met de derde in een groep verbonden zijn.
Apparatuur
Afschrijvingskosten van installaties en apparatuur gedurende het project (afschrijvingstermijn minimaal 5 jaar), ook van bestaande, nog niet volledig afgeschreven installaties. Bij demonstratieprojecten (showcases, AGVV artikel 47) de extra investeringskosten van installaties, machines en immateriele activa ten opzichte van een referentie-investering.
Grond
Alleen bij demonstratieprojecten: investeringen in gronden en gebouwen tellen mee in de extra investeringskosten ten opzichte van de referentie-investering (post A1 in de modelbegroting, tabbladen Demo).
Gebouwen
Alleen bij demonstratieprojecten: investeringen in gronden en gebouwen tellen mee in de extra investeringskosten ten opzichte van de referentie-investering (post A1 in de modelbegroting, tabbladen Demo).
Indirecte kosten
Geen aparte post: indirecte kosten komen alleen mee via de opslag van de gekozen loonkostensystematiek (integrale kostensystematiek of loonkosten plus 50% opslag). Onvoorziene kosten (contingency) mogen niet als aparte post worden opgenomen.
Reiskosten
Binnenlandse reiskosten zijn niet subsidiabel.
Overige kosten
Niet subsidiabel: kosten voor patenten, licenties en certificering, de accountantsverklaring en administratief projectmanagement.
Downloads

Bestanden & formulieren

Bron

Contact & bron

Verstrekker
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Telefoon
088-0424242
Laatst geverifieerd
9 oktober 2026 door Twin-redactie
Begin je aanvraag

Start je CPNL-aanvraag
in Twin.

Twin schrijft je aanvraag mee op basis van de regeling en je eigen projectdocumenten. Jij houdt de regie over elke tekst.