BinnenkortTijdelijke subsidieregeling vroege opschaling energietransitie binnenschepen 2026–2029RVOJaarlijkse call

Tijdelijke subsidieregeling vroege opschaling energietransitie binnenschepen 2026–2029

Energielijnen op elektriciteit, waterstof of methanol voor binnenschepen: tot € 3 mln per schip.

Subsidie voor Nederlandse binnenvaartondernemers voor aanschaf en installatie van een elektrische, waterstof-, methanol- of hybride-elektrische energielijn in een binnenschip, eventueel met laad- of tankinfrastructuur aan de wal. Basis 50% van de subsidiabele kosten.

Opent binnenkort
48
dagen tot opening
Opent op 17 november 2026
Openstelling 2026
Bekijk alle deadlines
Geverifieerd op 28 september 2026Bron: zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2026-33019.htmlUitgevoerd door RVO

Bèta: deze subsidiedatabase is nog in opbouw. Onze redactie controleert elke regeling, maar gegevens kunnen onvolledig of verouderd zijn. Raadpleeg de officiële publicatie voordat je een aanvraag indient.

In het kort

Wat is Tijdelijke subsidieregeling vroege opschaling energietransitie binnenschepen 2026–2029?

Het ministerie van IenW stimuleert met deze regeling de aanschaf en installatie van energielijnen op elektriciteit, waterstof of methanol in binnenschepen, bij nieuwbouw of retrofit, eventueel met laad- of tankinfrastructuur. RVO voert uit; aanvragen worden per energielijn gerangschikt. Openstelling 2026: 17 november 2026 tot en met 16 maart 2027 (€ 36,9 mln). De minister maakt latere openstellingen tot en met 2029 jaarlijks bekend.

Max per partner
€ 3M
Maximum per binnenschip (één aanvraag = één energielijn op één schip, art. 9 lid 3): elektrisch € 800.000, of € 2.500.000 als de aanschaf van batterijen onderdeel is van de aanvraag; elektrisch met waterstof-brandstofcel € 3.000.000; methanol € 1.500.000; waterstof € 1.500.000; hybride-elektrisch € 500.000 (art. 7 lid 3). Te verhogen met maximaal € 600.000 voor laad- en tankinfrastructuur (art. 7 lid 4).
Subsidie­percentage
50%
50% eigen bijdrage
Doel & impact

Waarom bestaat deze regeling?

Vroege opschaling van energielijnen op elektriciteit, waterstof of methanol in de binnenvaart mogelijk maken, als bijdrage aan een emissieloze en klimaatneutrale binnenvaart in 2050 (artikel 2).

01
Elektrisch waar het kan
Het grootste deel van het budget gaat naar volledig elektrische energielijnen met batterijen of een waterstof-brandstofcelsysteem.
02
Klimaatneutrale brandstoffen waar elektrisch niet kan
Methanol-energielijnen (alleen retrofit) en waterstof-energielijnen voor schepen met een vaarprofiel waarvoor elektrisch varen niet haalbaar is.
03
Kleine schepen
Een eigen deelplafond voor hybride-elektrische energielijnen bij retrofit van schepen op vaarwegen van CEMT-klasse I tot en met III.
04
Laad- en tankinfrastructuur
Via een samenwerkingsverband kan ook laad-, wissel- of bunkerinfrastructuur aan de wal worden gesubsidieerd, tot € 600.000 extra per schip.
Kom ik in aanmerking?

12 voorwaarden, geen grijs gebied.

01
Nederlandse binnenvaartondernemer
Hoofd- of nevenvestiging in Nederland (Handelsregisterwet 2007) en exploiteert het binnenschip nu of na afronding van het project (art. 1, art. 9 lid 1)
02
Binnenschip in bedrijfsmatig gebruik
Binnenschip als bedoeld in de Binnenvaartwet; vissersschepen zijn uitgesloten (art. 1)
03
Elektrische energielijn met batterijen
100% elektrische eindaandrijving, vaste of verwisselbare batterijen voor minstens 70% van de energiebehoefte; nieuwbouw of retrofit (art. 1, art. 3 onder a)
04
Elektrische energielijn met waterstof-brandstofcel
100% elektrische eindaandrijving met een waterstof-brandstofcelsysteem voor minstens 70% van de energiebehoefte (art. 1, art. 3 onder b)
05
Methanol-energielijn, alleen retrofit
Verbrandingsmotor die voor minstens 50% op methanol kan functioneren; keuze motiveren tegenover a en b (art. 1, art. 3 onder c, art. 9 lid 6)
06
Waterstof-energielijn
Verbrandingsmotor die voor minstens 50% op waterstof kan functioneren; keuze motiveren tegenover a en b (art. 1, art. 3 onder d, art. 9 lid 6)
07
Hybride-elektrische energielijn, alleen retrofit van een klein schip
Schip op vaarwegen CEMT-klasse I tot en met III; elektrisch minstens 50% van het vermogen, batterij voor 3 uur vol elektrisch of 50% van de energiebehoefte, laadbaar aan de wal (art. 1, art. 3 onder e)
08
Eén energielijn op één schip per aanvraag
Maximaal vier aanvragen per openstelling per ondernemer, en samen maximaal vier binnen een groep (art. 9 lid 3 en 4)
09
Minimaal een schoon binnenschip na afronding
In de aanvraag aantonen dat het schip als schoon of emissievrij binnenschip (AGVV) kwalificeert (art. 9 lid 7, art. 12 lid 2)
10
Project nog niet gestart
Activiteiten mogen niet zijn begonnen voordat de aanvraag is ingediend; geen onderneming in moeilijkheden (art. 11 lid 1 onder c en d)
11
Minimale aanvraag en kwaliteit
Minstens € 150.000 aangevraagd en minstens 8 punten op de criteria onderbouwing en projectplan (art. 11 lid 1 onder g en h)
12
Start en afronding
Start binnen 12 maanden na verlening; nieuwbouw klaar binnen 3 jaar, retrofit binnen 2 jaar; jaarlijkse voortgangsrapportage (art. 12)
Bedrijfsgrootte
Alle groottes
Micro< 10 fte
Small< 50 fte
Medium< 250 fte
Large≥ 250 fte
Thema’s
DuurzaamheidsinvesteringWatertransportCO2-reductieInvesteren en bedrijfsmiddelenElektrisch en zero-emissie vervoerWaterstofTransport, logistiek en mobiliteitEnergie, klimaat en verduurzaming
Projectfase
Investering
Financieel

Wat krijg je, en hoeveel moet je zelf bijleggen?

50% van je subsidiabele projectkosten, met een maximum van € 3M per partner.

Subsidiepercentage
50%
Min per partner
€ 150k
Max per partner
€ 3M
Eigen bijdrage
50%
Verdeling subsidie vs. eigen bijdrage
Een aanvraag wordt afgewezen als op grond van een regeling al subsidie is verleend voor dezelfde activiteiten (art. 11 lid 1 onder a; de toelichting noemt de Subsidieregeling Elektrificatie Binnenvaartschepen) of bij ongeoorloofde cumulatie van steun als bedoeld in artikel 8 AGVV (art. 11 lid 1 onder b). De steun valt onder artikel 36 ter en 56 quater AGVV (art. 16).
50%
50%
50% subsidie
50% eigen bijdrage
Minimum per partner
€ 150k · Een aanvraag wordt afgewezen als het aangevraagde subsidiebedrag per aanvrager per project lager is dan € 150.000 (art. 11 lid 1 onder h).
Totaalbudget regeling
€ 36,9M · Openstelling 2026: € 36.928.300 (art. 6 lid 1 onder a), met deelplafonds: batterij-elektrisch € 8.108.620; elektrisch met waterstof-brandstofcel € 8.108.620; methanol € 2.027.155; waterstof € 2.027.155; hybride-elektrisch € 6.656.750; laad- en tankinfrastructuur € 10.000.000 (art. 6 lid 2). Totaal 2026–2029 € 231.200.000; 2027 € 53.625.660, 2028 € 66.148.680, 2029 € 74.497.360 (art. 6 lid 1). Resterend budget van een deelplafond gaat naar het eerstvolgende project in de rangschikking van achtereenvolgens a, b, d of c (art. 6 lid 4).
Subsidieplafonds
Openstelling 2026: elektrische energielijn met vaste of verwisselbare batterijen · € 8,1M
NL · Tender · Minister van Infrastructuur en Waterstaat · stcrt-2026-33019 artikel 6, tweede lid, onder a
Openstelling 2026: elektrische energielijn met waterstof-brandstofcelsysteem · € 8,1M
NL · Tender · Minister van Infrastructuur en Waterstaat · stcrt-2026-33019 artikel 6, tweede lid, onder b
Openstelling 2026: methanol-energielijn · € 2,0M
NL · Tender · Minister van Infrastructuur en Waterstaat · stcrt-2026-33019 artikel 6, tweede lid, onder c
Openstelling 2026: waterstof-energielijn · € 2,0M
NL · Tender · Minister van Infrastructuur en Waterstaat · stcrt-2026-33019 artikel 6, tweede lid, onder d
Openstelling 2026: hybride-elektrische energielijn (kleine schepen) · € 6,7M
NL · Tender · Minister van Infrastructuur en Waterstaat · stcrt-2026-33019 artikel 6, tweede lid, onder e
Openstelling 2026: laad- en tankinfrastructuur · € 10M
NL · Tender · Minister van Infrastructuur en Waterstaat · stcrt-2026-33019 artikel 6, tweede lid, onder f
Kosten als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder c; subsidie max. 40% (artikel 7, tweede lid).
Cumulatie
Een aanvraag wordt afgewezen als op grond van een regeling al subsidie is verleend voor dezelfde activiteiten (art. 11 lid 1 onder a; de toelichting noemt de Subsidieregeling Elektrificatie Binnenvaartschepen) of bij ongeoorloofde cumulatie van steun als bedoeld in artikel 8 AGVV (art. 11 lid 1 onder b). De steun valt onder artikel 36 ter en 56 quater AGVV (art. 16).
Type
Directe subsidie (niet terug te betalen)
Kalender

Deadlines & cycli

Programmaperiodevanaf 17 november 2026
17
NOV
Openstelling 2026 opent 17 november 2026
Zo werkt het

Van projectidee tot besluit.

01
Project passend maken
Toets je project aan de voorwaarden en bepaal of de regeling bij je past.
02
Aanvraag opstellen
Werk je projectplan, begroting en alle andere documenten uit volgens de richtlijnen van de subsidieregeling.
Verplichte bijlagen
  • Projectplan
  • Gegevens als bedoeld in artikel 6, tweede lid, AGVV
  • Mkb-verklaring (indien van toepassing)
  • Samenwerkingsovereenkomst (bij laad- en tankinfrastructuur, binnen acht weken na verlening)
03
Indienen
Dien je complete aanvraag in binnen het openstellingsvenster.
04
Behandeling
Alle tijdig ingediende aanvragen worden na sluiting beoordeeld en onderling gerangschikt.
Tender
05
Besluit
Je ontvangt een beschikking met de uitkomst van je aanvraag.
Let op: Aanvragen via een digitaal formulier op de website van RVO, bij de Minister van IenW (art. 9 lid 1). Percentage: basis 50%, +10 procentpunt voor middelgrote en +20 voor kleine ondernemingen, +10 als het schip na afloop emissievrij is (art. 7 lid 1, 5 en 6); laad- en tankinfrastructuur 40% (art. 7 lid 2). Rangschikking per energielijn op CO2-reductiepotentieel per euro (40 punten), verwachte CO2-reductie per euro (30), onderbouwing (15) en kwaliteit projectplan en toegankelijkheid infrastructuur (15); bij gelijke stand loting (art. 8). Voorschot 30% bij verlening en 50% bij start (art. 13). Latere aanvraagperioden en plafonds stelt de minister jaarlijks vast in de Staatscourant (art. 6 lid 3, art. 9 lid 9). De regeling vervalt op 1 september 2031 (art. 18).
Subsidiabele kosten

Waar mag het aan besteed worden?

Loonkosten
Uurtarieven volgens integrale kostensystematiek, loonkosten plus 50% opslag voor indirecte kosten, of een vast uurtarief van € 80 (art. 5).
Materialen
Niet subsidiabel
Uitbesteding
Installatie van de energielijn door derden hoort bij de aanschaf- en installatiekosten van het project (art. 1 begrip project, art. 4 lid 1).
Apparatuur
Nieuwbouw: meerkosten van de nieuwe energielijn ten opzichte van een conventionele energielijn (art. 4 lid 1 onder a, art. 36 ter lid 3 AGVV); retrofit: kosten van aanschaf en installatie (art. 4 lid 1 onder b). Inclusief noodzakelijke voorzieningen aan boord zoals batterijen (art. 4 lid 2). Laad- en tankinfrastructuur (laad- of wisselpunten, kraan, bunkerstation) valt onder art. 4 lid 1 onder c en krijgt max. 40% (art. 7 lid 2).
Grond
Niet subsidiabel
Gebouwen
Kade-aanpassingen voor laad- en tankinfrastructuur (art. 4 lid 1 onder c), alleen via een samenwerkingsverband met een binnenvaartondernemer als penvoerder (art. 9 lid 2); max. 40% (art. 7 lid 2).
Indirecte kosten
Niet subsidiabel
Reiskosten
Niet subsidiabel
Overige kosten
Niet subsidiabel
Downloads

Bestanden & formulieren

Bron

Contact & bron

Uitvoerder
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Laatst geverifieerd
28 september 2026 door Twin-redactie
Begin je aanvraag

Start je Tijdelijke subsidieregeling vroege opschaling energietransitie binnenschepen 2026–2029-aanvraag
in Twin.

Template met alle secties, automatische kwaliteitscontrole en input-validatie. Voor klanten klaar om te schrijven in 30 seconden.