Wat je krijgt hangt af van het onderdeel waarvoor je aanvraagt.
Waterstoftechnologieartikel 3.27.2, eerste lid, onderdeel c, en derde lid
Onderzoek en ontwikkeling, eerste industriële toepassing of infrastructuurprojecten op het gebied van waterstoftechnologie door een onderneming die als directe partner in het Europees goedkeuringsbesluit staat. Het project moet in het Europese matchmakingsproces bij het thema technologie zijn ingedeeld, de pre-notificatiefase moest op 31 augustus 2021 gestart zijn en de financieringskloof is ten minste € 10.000.000. Weigering onder meer als de subsidiabele kosten per Nederlands belangrijk project lager zijn dan € 5.000.000 of de subsidie lager dan € 125.000 per aanvrager (artikel 3.27.7).
Minimaal € 5.000.000 subsidiabele kosten per Nederlands belangrijk project (artikel 3.27.7, onderdeel c); de subsidie bedraagt ten hoogste het beschikbare subsidieplafond.
Titel 3.27 (versie 2023-01-02) noemt voor dit deelgebied geen vast percentage; de steun volgt uit het Europees goedkeuringsbesluit.
Waterstofproductie door elektrolyseartikel 3.27.2, eerste lid, onderdeel d, en derde lid
Onderzoek en ontwikkeling, eerste industriële toepassing of infrastructuurprojecten voor de productie van waterstof door elektrolyse van water op basis van hernieuwbare elektriciteit, door een onderneming die als directe partner in het Europees goedkeuringsbesluit staat. Het project moet bij het thema decarbonisatie industrie zijn ingedeeld, de pre-notificatiefase moest op 31 augustus 2021 gestart zijn en de financieringskloof is ten minste € 10.000.000. Subsidie kan ook als subsidie met terugbetalingsverplichting of lening worden verstrekt. Weigering onder meer als de subsidiabele kosten per Nederlands belangrijk project lager zijn dan € 5.000.000 of de subsidie lager dan € 125.000 per aanvrager (artikel 3.27.7).
Ten hoogste het maximumsubsidiebedrag per aanvrager uit het Europees goedkeuringsbesluit en het beschikbare subsidieplafond (artikel 3.27.3, vierde lid, onderdeel a, onder 2°); minimaal € 5.000.000 subsidiabele kosten (artikel 3.27.7, onderdeel c).
Het in het Europees goedkeuringsbesluit opgenomen percentage van de nominale financieringskloof (artikel 3.27.3, eerste lid, onderdeel a, onder 2°).
Waterstofimport- en opslagartikel 3.27.2, eerste lid, onderdeel e, en vierde lid
Infrastructuurprojectactiviteiten voor de import en opslag van waterstof door een onderneming die als directe partner in het Europees goedkeuringsbesluit staat. Het project moet bij het thema opslag en infrastructuur zijn ingedeeld, de Europese pre-notificatiefase moest op 29 april 2022 gestart zijn en de financieringskloof is ten minste € 10.000.000. Subsidie kan ook als subsidie met terugbetalingsverplichting of lening worden verstrekt. Weigering onder meer als de subsidiabele kosten per Nederlands belangrijk project lager zijn dan € 5.000.000 of de subsidie lager dan € 125.000 per aanvrager (artikel 3.27.7).
Ten hoogste het maximumsubsidiebedrag per aanvrager uit het Europees goedkeuringsbesluit en het beschikbare subsidieplafond (artikel 3.27.3, vierde lid, onderdeel a, onder 2°); minimaal € 5.000.000 subsidiabele kosten (artikel 3.27.7, onderdeel c).
100% van de subsidiabele kosten of de contante waarde van de financieringskloof, als die lager is: 100% Begrensd op de contante waarde van de financieringskloof.
Waterstoftoepassingen in mobiliteit en transportartikel 3.27.2, eerste lid, onderdeel f, en vijfde lid
Onderzoek en ontwikkeling en eerste industriële toepassing van waterstoftoepassingen in mobiliteit en transport door een onderneming die als directe partner in het Europees goedkeuringsbesluit staat. Het project moet bij het thema mobiliteit en transport zijn ingedeeld, de Europese pre-notificatiefase moest op 1 december 2022 gestart zijn en de financieringskloof is ten minste € 10.000.000. Subsidie kan ook als subsidie met terugbetalingsverplichting of lening worden verstrekt. Weigering onder meer als de subsidiabele kosten per Nederlands belangrijk project lager zijn dan € 5.000.000 of de subsidie lager dan € 125.000 per aanvrager (artikel 3.27.7).
Ten hoogste het maximumsubsidiebedrag per aanvrager uit het Europees goedkeuringsbesluit en het beschikbare subsidieplafond (artikel 3.27.3, vierde lid, onderdeel a, onder 2°); minimaal € 5.000.000 subsidiabele kosten (artikel 3.27.7, onderdeel c).
100% van de subsidiabele kosten of de contante waarde van de financieringskloof, als die lager is: 100% Begrensd op de contante waarde van de financieringskloof.
Totaalbudget regeling
€ 1612,5M · Som van de vier subsidieplafonds van de waterstofdeelregelingen (ROES 2022 en 2023, titel 3.27): € 35.000.000, € 783.500.000, € 595.000.000 en € 199.000.000.