GeslotenFilmfonds Realisering Onderzoek & ExperimentFilmfonds

Filmfonds Realisering Onderzoek & Experiment

Bijdrage voor de realisering van onderzoekende en experimentele films

Het Nederlands Filmfonds draagt bij aan de realisering van een Nederlandse korte of lange film die onderzoekend of grensverleggend is. Richtbedrag € 50.000 tot € 100.000, hoger bij uitzonderlijke kwaliteit, plus € 5.000 voor distributie; maximaal 85% van het productiebudget.

Deadline
Gesloten
Deze regeling is niet meer open voor aanvragen.
Geverifieerd op 4 november 2026Bron: wetten.overheid.nl/BWBR0050675/2025-01-01Uitgevoerd door Filmfonds

Bèta: deze subsidiedatabase is nog in opbouw. Onze redactie controleert elke regeling, maar gegevens kunnen onvolledig of verouderd zijn. Raadpleeg de officiële publicatie voordat je een aanvraag indient.

In het kort

Wat is Filmfonds Realisering Onderzoek & Experiment?

Wie
Een productiemaatschappij die minstens twee jaar is gevestigd in Nederland, de EU, de EER of Zwitserland, vertegenwoordigd door een producent met ervaring in onderzoek & experiment. Bij een beoogde bijdrage lager dan € 50.000 kan ook een regisseur die de film zelf produceert of een producent die voldoet aan de ingangseisen voor ontwikkeling in deze categorie aanvragen.
Deelreglement Realisering artikel 1 en 4; webpagina Wie kan aanvragen?
Waarvoor
De realisering van een korte of lange film die onderzoekend of grensverleggend is, tot een eindproduct dat geschikt is voor openbare vertoning aan een publiek.
Deelreglement Realisering artikel 1, 22 en 24
Wat je krijgt
Een richtbedrag van € 50.000 tot maximaal € 100.000, hoger bij uitzonderlijke kwaliteit, plus eventueel € 5.000 voor distributie. De bijdrage is maximaal 85% van het productiebudget.
Protocol hoofdstuk 2, Realisering - Onderzoek & experiment, 1a
Wat je moet doen
Dien de aanvraag met bijlagen in via Frame vóór de deadline van een subsidieronde. Op dit moment is de regeling gesloten en is er geen volgende deadline bekend.
Algemeen Reglement artikel 11 en 12; webpagina Deadlines

Opgebouwd uit de gegevens op deze pagina, zonder eigen toevoegingen.

Doel & impact

Waarom bestaat deze regeling?

Het bestuur verstrekt, ter bevordering van de kwaliteit en de diversiteit van filmproducties in Nederland en voor een voor de filmkunst ontvankelijk klimaat in Nederland, subsidies ten behoeve van professionele filmproducties en filmactiviteiten.

Kom ik in aanmerking?

Voorwaarden

Letterlijk uit de regeling, met het artikel waarin de voorwaarde staat.

01
Realiseringsaanvragen in de categorie onderzoek & experiment worden gedaan door een productiemaatschappij, vertegenwoordigd door een producent die als majoritair producent hoofdverantwoordelijk is geweest voor het realiseren en uitbrengen van tenminste één vrije, niet in opdracht vervaardigde filmproductie (lang of kort) in de categorie onderzoek & experiment in Nederland.
02
In dit deelreglement wordt verstaan onder: … productiemaatschappij: een rechtspersoon die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de productie en exploitatie van filmproducties en andere audiovisuele mediaproducties. De rechtspersoon is ten tijde van de subsidieaanvraag gedurende minimaal twee jaar daarvoor gevestigd en actief geweest in Nederland, een lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland;
03
In dit deelreglement wordt verstaan onder: … onderzoek & experiment: een filmproductie, in welke categorie dan ook, die naar het oordeel van het bestuur onderzoekend of grensverleggend is;
04
Aanvragen voor realisering van eenzelfde filmproductie kunnen, na een afwijzend besluit daarover, eenmaal opnieuw worden ingediend. Een aanvraag voor eenzelfde filmproductie, die tweemaal door het bestuur is afgewezen, wordt niet meer in behandeling genomen.
05
De aanvrager overlegt een planning en daarop aansluitende begroting en financieringsplan waaruit blijkt dat er aantoonbaar sprake is geweest van een grondige artistieke en productionele ontwikkeling van de filmproductie in voorbereiding op de realisering.
06
Het bestuur kan, gelet op de doelmatige besteding van middelen, voorwaarden dan wel beperkingen stellen aan de betrokkenheid van regisseurs en scenaristen. Een producent kan daarbij in beginsel niet eveneens als regisseur of scenarist optreden.
07
De aanvrager dient de keuze voor de vertoningswijze en de locatie daarvan te onderbouwen in de aanvraag.
08
De subsidie voor realisering van een korte film in alle categorieën wordt beschikbaar gesteld ten behoeve van een werkkopie en een definitieve, voor vertoning gereed zijnde kopie, met minimaal een aantoonbare non theatrical release.
09
Het Fonds gaat ervan uit dat de aanvrager in geval van meerdere aanvragen voor dezelfde filmproductie of filmactiviteit ongewijzigd blijft. Bij filmproducties moet de aanvrager in ieder geval vanaf projectontwikkeling en realisering dezelfde zijn.
10
Subsidieverlening wordt in ieder geval geweigerd als niet wordt voldaan aan de culturele criteria zoals bedoeld in artikel 4.
11
Om in aanmerking te komen voor subsidie in de zin van dit reglement dient een filmproductie, onverminderd het bepaalde in Europese staatsteun regelgeving, in het geval van speelfilms ten minste aan drie en, in het geval van de overige categorieën en minoritaire coproducties, aan twee van de hierna volgende kenmerken te voldoen: … het scenario waarop de filmproductie is gebaseerd speelt zich in overwegende mate af in Nederland, of in een andere lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland; … ten minste één van de hoofdpersonages behoort tot de Nederlandse cultuur of het Nederlandse taalgebied; … het scenario waarop de filmproductie is gebaseerd is hoofdzakelijk in de Nederlandse taal geschreven; … het scenario van de filmproductie is gebaseerd op een van origine Nederlandstalig literair werk; … het hoofdthema van de filmproductie heeft betrekking op kunst dan wel kunstenaars; … het hoofdthema van de filmproductie heeft betrekking op historische figuren of gebeurtenissen; … het hoofdthema van de filmproductie heeft betrekking op voor de Nederlandse bevolking relevante actuele culturele, maatschappelijke dan wel politieke kwesties.
12
Een subsidie op aanvraag wordt slechts verstrekt aan een filmprofessional of een rechtspersoon die tenminste gedurende minimaal twee jaar voorafgaand aan de aanvraag in het Koninkrijk der Nederlanden, een lidstaat van de Europese Unie, of in een staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland woonachtig respectievelijk gevestigd is, en wiens beroep respectievelijk hoofdactiviteit is het schrijven voor, het ontwikkelen, produceren, exploiteren/distribueren van filmproducties of het organiseren of uitvoeren van een filmactiviteit ter bevordering van de kwaliteit en de diversiteit van de filmproductie in Nederland en een voor de filmkunst ontvankelijk (productie)klimaat in Nederland.
13
Niet in aanmerking voor een subsidie komen: … een mediabedrijf;
14
Niet in aanmerking voor een subsidie komen: … een aanvrager waarin een mediabedrijf direct of indirect zodanige zeggenschap of feitelijke invloed heeft dat dit mediabedrijf in belangrijke mate het beleid van de aanvrager kan bepalen of aanmerkelijke invloed heeft op de inhoud van het beleid van de aanvrager of van de filmproductie;
15
Niet in aanmerking voor een subsidie komen: … zij die nog een (beroeps)opleiding volgen.
16
Een subsidie kan slechts worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur: … door de aanvrager voldoende is aangetoond dat de filmproductie onafhankelijk is. Een filmproductie is onafhankelijk indien naar het oordeel van het bestuur de eindexploitant geen doorslaggevende invloed heeft op de inhoud, productie en uitvoering van de filmproductie en de aanvrager voldoende commerciële vrijheid heeft en behoudt ten aanzien van de exploitatie en vertoning van de filmproductie of een afgeleide daarvan.
17
Een subsidie kan slechts worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur: … aannemelijk is dat verlening van de subsidie noodzakelijk is voor het bereiken van het doel van de aanvraag;
18
Een subsidie kan slechts worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur: … aannemelijk is dat de aanvrager daadwerkelijk kan beschikken over alle financiële middelen, met inbegrip van de eventuele subsidie van het Fonds, en de verfilmings- en exploitatierechten op de filmproductie of filmactiviteit die blijkens het bij de aanvraag ingediende film- of activiteitenplan noodzakelijk zijn voor het bereiken van het in de aanvraag aangegeven doel;
19
Een subsidie kan slechts worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur: … de filmproductie of filmactiviteit waarvoor subsidie wordt gevraagd ten tijde van de subsidieverlening niet reeds geheel of gedeeltelijk in de openbaarheid is gebracht;
20
Een subsidie kan slechts worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur: … de subsidie niet ter dekking dient van kosten die zijn gemaakt in de periode gelegen voor het besluit tot subsidieverlening;
21
Een aanvraag die te laat is ingediend wordt niet in behandeling genomen.
22
Verschillende aanvragen voor dezelfde filmproductie of filmactiviteit kunnen niet gelijktijdig bij het Fonds worden ingediend, tenzij het bestuur hier schriftelijk toestemming voor heeft gegeven.
23
Een aanvraag voor subsidie kan verder worden afgewezen indien de aanvrager of de natuurlijke persoon die de aanvrager rechtsgeldig vertegenwoordigt niet aantoonbaar heeft voldaan aan voorschriften gesteld aan eerder door het bestuur toegekende subsidies, dan wel toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van één of meer verplichtingen verbonden aan een eerdere subsidieverlening of een uitvoeringsovereenkomst van het Fonds.
24
De aanvrager is een onafhankelijke productiemaatschappij (een rechtspersoon dus geen eenmanszaak of VOF) die minstens twee jaar in het Koninkrijk der Nederlanden, een lidstaat van de EU, EER of in Zwitserland gevestigd is en op continue basis films en andere audiovisuele producties produceert en exploiteert.
25
De productiemaatschappij wordt vertegenwoordigd door een producent die als majoritair producent hoofdverantwoordelijk is geweest voor het realiseren en uitbrengen van tenminste één vrije, niet in opdracht vervaardigde filmproductie* (lang of kort) op het gebied van kunstzinnige en experimentele film in de professionele Nederlandse film- en/of televisiesector / beeldende kunst circuit.
26
Commerciële filmproducties zoals commercials, opdrachtfilms en videoclips of filmproducties in het kader van een wedstrijd (zoals bijvoorbeeld 48 Hour Project) worden hierbij niet als onafhankelijke filmproducties beschouwd.
27
Alleen wanneer de beoogde fondsbijdrage voor realisering lager is dan € 50.000,-: … kan een regisseur die de film zelf produceert ook zelfstandig een realiseringsaanvraag indienen. De regisseur moet naar het oordeel van het bestuur dan wel aantoonbare en voldoende productie-ervaring hebben met het realiseren en uitbrengen van kunstzinnige en experimentele films in de professionele Nederlandse film- en/of televisiesector of beeldende kunstcircuit. Eerdere producties die in het kader van een opleiding, wedstrijd of zelfeducatie tot stand kwamen, worden daarbij buiten beschouwing gelaten.
28
Alleen wanneer de beoogde fondsbijdrage voor realisering lager is dan € 50.000,-: … kan een producent die voldoet aan de ingangseisen voor ontwikkeling in deze categorie, ook zelfstandig een realiseringsaanvraag indienen.
Alle groottes
Micro< 10 fte
Small< 50 fte
Medium< 250 fte
Large≥ 250 fte
Thema’s
Film en audiovisuele mediaCultuur, media en erfgoedProfessionele kunsten
Financieel

Wat krijg je?

85% van je subsidiabele projectkosten.

Toelichting bij het minimum
De bijdrage loopt vanaf € 50.000, maar de richtbedragen zijn maxima en er kan ook minder worden aangevraagd; bij een beoogde bijdrage lager dan € 50.000 mag ook een regisseur die de film zelf produceert of een producent die voldoet aan de ingangseisen voor ontwikkeling in deze categorie aanvragen.
Toelichting bij het maximum
Richtbedrag van € 50.000 tot maximaal € 100.000 per film, met daarnaast een geoormerkte aanvullende bijdrage van € 5.000 voor distributie. Voor projecten van uitzonderlijk hoge kwaliteit kan het bestuur een hogere bijdrage verlenen; daarvoor geldt geen vast maximum.
Voor een filmproductie, waarvoor van een ander (Nederlands) bestuursorgaan of van het Fonds een subsidie is ontvangen, kan slechts een zodanig bedrag aan subsidie worden verleend dat het totaal aan staatssteun verleende subsidies niet meer bedraagt dan 50% van de productiekosten.
Type
Directe subsidie (niet terug te betalen)
Kalender

Deadlines & cycli

Programmaperiodevanaf 1 januari 2025 artikel 26, derde lid
Cyclus: Het bestuur besluit op de aanvraag uiterlijk binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag. Indien de aanvraag ter advisering aan een filmconsulent of (ad hoc) adviseur(s) is voorgelegd bedraagt deze termijn uiterlijk 22 weken. artikel 13, tweede lid
Aanvraag

Hoe vraag je aan?

Vooraanmelding
Niet nodig
  • een schriftelijke, door de aanvrager ondertekende, kopie van deze digitale aanvraag
  • een verklaring waarin hij garandeert dat zijn financiële positie, en dan met name de relatie tussen beschikbare middelen en aangegane verplichtingen, voorafgaand aan de aanvraag geen negatieve ontwikkeling heeft gekend die bedreigend is geweest voor zijn stabiliteit en solvabiliteit en, naar reële verwachting, deze ook niet zal kennen
  • de verklaring(en) van de (film)distributeurs of derden die zich wat betreft financiering, vertoning of exploitatie aan de filmproductie verbinden
  • een verklaring waarin hij garandeert over (een exclusieve optie op) de voor de filmproductie noodzakelijke exclusieve verfilmings- en exploitatierechten rechten te beschikken
  • een planning en daarop aansluitende begroting en financieringsplan
  • een toelichting op de begroting en het financieringsplan en op eventuele bijzondere of complicerende factoren rond de filmproductie of filmactiviteit
  • schriftelijke bewijsstukken of verklaringen (van reeds toegezegde bijdragen)
  • een verklaring van deze partij (indien ten tijde van de aanvraag een zakelijke partner of coproducent onlosmakelijk verbonden is aan de aanvraag)
  • een breakdown en specificatie van de kosten (van de scènes en shots waarop dit van toepassing is; bevat de filmproductie meer dan 15% Computer Generated Imagery (CGI) of animatietechniek)
  • een schriftelijke visie (bij een aanvraag voor een hoger staatssteunpercentage voor een ‘moeilijke’ film of een grensoverschrijdende filmproductie waarbij landen uit de DAC-landenlijst van de OESO betrokken zijn)
Werkwijze
Aanvragen via Frame in subsidierondes, t/m de deadline op de website vóór 17:00 uur CET; een onvolledige aanvraag kan binnen vijf werkdagen worden aangevuld. Filmconsulenten en het team Productie adviseren, de directeur/bestuurder beslist. Beoordeeld worden de inhoudelijke kwaliteit, een solide filmplan met haalbaar bereik, de staat van dienst, de bijdrage aan diversiteit en filmklimaat en de bijdrage aan de creatieve en technische vernieuwing van de cinematografie; het oordeel over deze criteria moet positief zijn. Vanaf € 150.000 productiebudget volgt in principe eerst een voornemen, vanaf € 50.000 bijdrage een uitvoeringsovereenkomst. De film moet binnen 24 maanden na de start gereed en openbaar zijn, een bedrag gelijk aan de subsidie wordt in Nederland besteed en de subsidie wordt terugbetaald uit exploitatie-inkomsten. Het staatssteunmaximum van 50% is maximaal 60% van het productiebudget voor een grensoverschrijdende productie met subsidies en producenten uit meer dan één EU-lidstaat, en kan hoger zijn voor een ‘moeilijke’ film of een productie met landen van de DAC-landenlijst van de OESO, mits bij de aanvraag een schriftelijke visie is gevoegd. Vaststelling volgt op een aanvraag binnen vier maanden na de eerste openbaarmaking. Let op: de pagina noemt een bijdrage vanaf € 50.000 maar laat daaronder ook een regisseur of ontwikkelingsproducent toe, en haar ingangseis voor de producent wijkt af van artikel 4 van het Deelreglement Realisering.
Subsidiabele kosten

Waar mag het aan besteed worden?

Loonkosten
Protocol hoofdstuk 1, 3.6: "De salariskosten van de producent(en) maken onderdeel uit van de begrotingsposten producers fee en eventueel in beperkte mate de overhead. Hieronder vallen ook de kosten voor degene aan wie de eindverantwoordelijkheden van de producent op onderdelen is gedelegeerd, bijvoorbeeld aan een creatief producent, een hoofd ontwikkeling of productie." Protocol hoofdstuk 1, 3.15: "De eigen kantoorkosten en salariskosten van medewerkers in dienst van de aanvrager of daaraan gelieerde (rechts)personen en coproductiepartners kunnen uitsluitend los van de post overhead begroot en aan het project doorbelast worden, indien zij naar het oordeel van het Fonds: Aantoonbaar project gerelateerd en noodzakelijk zijn voor de totstandkoming; Het bij de doorbelasting van eigen personeel om deskundige medewerkers gaat voor de betreffende fase van ontwikkeling of realisering waarvoor subsidie wordt aangevraagd; de salarissen en vergoedingen van medewerkers, inclusief uit te keren werkgeverslasten en vaste opslagen, in verhouding staan tot de allesomvattende vergoedingen van freelance of vaste aanstellingen van een gelijk niveau elders. … Dat betekent het volgende bij het begroten van een filmproductie of serie: Er wordt begroot op basis van het brutoloon per functie + 70% forfaitaire opslag op het brutoloon x verwachte tijdsbesteding aan het project. … Wordt de pensioenbijdrage verwerkt in het brutoloon (geen pensioenregeling werkgever), dan bedraagt de forfaitaire opslag 60%."
Materialen
Niet subsidiabel
Uitbesteding
Niet subsidiabel
Apparatuur
Protocol hoofdstuk 1, 3.18: "Eventuele eigen productiefaciliteiten van de aanvrager of het crewlid, zoals opname- en montageapparatuur, kunnen in lijn met de aanschafwaarde, mits van vergelijkbare professionele kwaliteit en in afstemming met het Fonds, indien marktconform, redelijk en kostenefficiënt worden mee begroot. Van de aanschafwaarde van duurzame productiemiddelen in eigendom van de aanvrager of een gelieerde entiteit (waaronder bijvoorbeeld computers, monitoren, software, camera’s, licht- en geluidsapparatuur, etc.) kan slechts een percentage als productiekosten worden opgevoerd. Dit percentage is afhankelijk van de periode waarbinnen die duurzame productiemiddelen voor de filmproductie worden gebruikt. Bij een gebruik van 30 dagen of minder, kan 5% van de aanschafwaarde (exclusief BTW) van het betreffende duurzame productiemiddel aan productiekosten worden opgevoerd op de begroting. Bij gebruik van méér dan 30 dagen kan 10% bij een gebruik van meer dan 30 dagen."
Grond
Niet subsidiabel
Gebouwen
Niet subsidiabel
Indirecte kosten
Protocol hoofdstuk 1, 3.27: "De begrotingspost producers fee bedraagt maximaal 7,5%. De begrotingspost overhead bedraagt maximaal 7,5% gemaximeerd tot 350.000 euro per filmproductie. … Voor majoritaire filmproducties waarvan het totale productiebudget inclusief opslagen lager is dan 750.000 euro kan ervoor worden gekozen een hoger percentage voor overhead te hanteren. Het totaal aan producers fee en overhead tezamen mag in dergelijke gevallen echter niet hoger zijn dan 17,5% over de begrote (productie)kosten." Protocol hoofdstuk 1, 3.29: "De hoogte van de begrotingspost onvoorzien varieert per filmproductie en categorie, maar bedraagt van 5% tot maximaal 10%."
Reiskosten
Niet subsidiabel
Overige kosten
Deelreglement Realisering, artikel 1: "In dit deelreglement wordt verstaan onder: … productiekosten: de kosten gemoeid met de realisering van een filmproductie;" Algemeen Reglement, artikel 10: "Een subsidie kan slechts worden verstrekt, indien naar het oordeel van het bestuur: … de subsidie dient ter dekking van de kosten bij de totstandkoming van de filmproductie of filmactiviteit voor zo ver deze kosten niet reeds door een derde partij worden gedekt; … aannemelijk is dat het doel van de aanvraag gerealiseerd kan worden conform de in de aanvraag begrote uitgaven en dat de begrote uitgaven redelijk, kosten-efficiënt en marktconform zijn; … de subsidie niet ter dekking dient van kosten die zijn gemaakt in de periode gelegen voor het besluit tot subsidieverlening;" Protocol hoofdstuk 1, 3.5: "Reeds gemaakte kosten voor research, scenario- en/of projectontwikkeling moeten bij een realiseringsaanvraag in de begroting van totale productiekosten opgenomen worden." Protocol hoofdstuk 1, 3.12: "Voor boekverfilmings- en/of formatrechten geldt als grondslag voor subsidie en opslagen een maximum van 2,5% van het totale productiebudget tot 75.000 euro. Deze (optie)rechten zijn niet subsidiabel in de ontwikkelingsfasen." Protocol hoofdstuk 1, 3.14: "Sponsorbijdragen in natura, bijdragen van leveranciers, makers en uitvoerende medewerkers (crew & cast), die tevens diensten of goederen leveren aan de totstandkoming van de filmproductie, zijn niet subsidiabel." Protocol hoofdstuk 1, 3.23: "De kosten samenhangend met buitenlandse cofinanciering in de vorm van buitenlandse fondsen, taks shelters, rebates, credits en investeringen worden voor zover noodzakelijk en gedegen onderbouwd begroot onder budgetitems #7050 (foreign co-financing costs) en #7055 (Foreign Equity Costs) in de begroting (model Filmfonds). De begroting bij de aanvraag is qua hoogte en verdeling van posten gelijk aan de begroting die door buitenlandse financiers wordt gehanteerd. De kosten blijven buiten de grondslag voor subsidieverlening door het Fonds aangezien het geen directe productiekosten betreft. Ook worden de kosten buiten de berekening van opslagen voor producers fee, overhead en onvoorzien gelaten."
Downloads

Bestanden & formulieren

Bron

Contact & bron

Verstrekker
Nederlands Filmfonds
Telefoon
+31 (0)20 237 98 40
Laatst geverifieerd
4 november 2026 door Twin-redactie
Begin je aanvraag

Start je Filmfonds Realisering Onderzoek & Experiment-aanvraag
in Twin.

Twin schrijft je aanvraag mee op basis van de regeling en je eigen projectdocumenten. Jij houdt de regie over elke tekst.